13 oktober 2017

Wat doet de ombudsman in het regeerakkoord?

Dat de ‘gewone, hardwerkende’ Nederlander zichzelf zou terugvinden in het deze week gepresenteerde regeerakkoord hoefde – volgens de makers ervan, tenminste – niet te verbazen. Daar wil Rutte-III het immers allemaal voor doen. Maar dat de journalistieke ombudsman – of nee: de “ombudsfunctie”, het stuk gaat ook onmiddellijk aan de slag met de door het nieuwe kabinet gewenste genderneutrale aanspreekvorm – zich er in zou tegenkomen was wel een verrassing. Ook door de manier waaróp.

Het regeerakkoord stelt in de media-paragraaf dat journalistiek en mediabedrijven voor grote uitdagingen staan en dat een “stevige” publieke omroep nodig is. Vervolgens komen enkele bullit pointsmet prioriteiten, waarvan nummer drie luidt:

“Daarnaast trekt het kabinet geld uit voor de bevordering van onderzoeksjournalistiek. Deze vorm van journalistiek staat onder druk, maar is van vitaal belang voor de controlerende taak die de journalistiek heeft. Daarbij acht het kabinet de interne ombudsfunctie van groot belang.”

Wie is nu niet blij met extra geld voor de bevordering van onderzoeksjournalistiek, zolang er tenminste Chinese walls komen te staan tussen geldschieter en geldontvanger en de gever nooit inhoudelijk kan bepalen welk journalistiek onderzoek de euro’s krijgt. Maar wat doet dat woordje ‘daarbij’ in die zin daarna over de ombudsfunctie? Ik eet aardappels, daarbij eet ik een gehaktbal. Ik eet dus niet zomaar een kale gehaktbal. Is de ombudsfunctie misschien alleen bij producten van die onderzoekende journalisten “van groot belang”? Is het nieuwe kabinet vooral bang voor Bas Haan-2.0? En doet ‘Den Haag’ zo niet ook alsof het over de slagkracht van die ombudsfunctie iets te zeggen heeft?

Tweemaal nee, wat deze ‘ombudsfunctie’ betreft. Ik ben er voor alle journalistieke genres die de omroepen beoefenen, van nieuws tot vlog tot sportverslag. En mijn onafhankelijkheid – van publiek, omroepen én politiek – is vastgelegd in een statuut. Ik ben “onafhankelijk van de NPO, overheid en commerciële invloeden” en werk “autonoom”. Kan of doe ik dat niet, dan kan de functie beter opgeheven, mét of zónder vermelding in het regeerakkoord.

Zo gelezen lijkt het even alsof de nieuwe regering niet helemaal doorheeft dat niet alleen een aantal kranten maar ook de journalistiek bij de publieke omroep al een tijdje een ombudsfunctie hééft. In de recente verkiezingsprogramma’s van VVD en Forum voor Democratie werd nog geëist dat die ombudsman bij de publieke omroep er moest komen. Maar ik was toen al een paar maanden aan de slag…

Het geeft niet, Den Haag. Heel goed dat u georganiseerde, interne tegenspraak – en hopelijk niet alleen voor de journalistiek – een warm hart toe draagt. Kijkers, lezers en luisteraars weten mij al prima te vinden, en publiek, programmamakers en omroepen krijgen mijn onderzoek, analyses en oordelen over hun journalistieke werk gevraagd én ongevraagd al gepresenteerd.

Mag ik u er alleen wel op wijzen dat het woord ‘ombudsman’ in zijn oorsprong al genderneutraal is? Het komt uit het Zweeds, en ‘man’ betekent daar in samenstellingen simpelweg ‘persoon’. Dus noem ik mezelf ombudsman. Ik ben namelijk liever een persoon dan een functie: dat maakt het bewegen tussen gewoon, hardwerkend publiek en journalistiek een stuk gemakkelijker.