18 september 2020

NOS: de ene tweet is de andere niet

Regelmatig gebruikt NOS Nieuws tweets van anderen in online-berichten. Zo ook bij een artikel over een officier van justitie, haar voormalige nevenfunctie en een besluit om de rapper Akwasi niet te vervolgen. Eén specifieke tweet verdwijnt ook weer snel uit dat artikel. Waarom? En was de tweet wel nieuwswaardig of niet?

NOS Nieuws schrijft op 12 september een bericht over de officier van justitie die een dag eerder tekende voor het besluit om rapper en Kick Out Zwarte Piet-boegbeeld Akwasi voorlopig niet te vervolgen. Die officier zat tot voor kort met een ander lid van Kick Out Zwarte Piet (KOZP) in het bestuur van een discriminatiemeldpunt. Het Openbaar Ministerie niet wil ingaan op vragen hierover of over de onafhankelijkheid van de officier, zegt de tekst. Bij het artikel staan afbeeldingen van twee tweets. De eerste is van een niet bij het brede publiek bekende organisatie of persoon (“En de cirkel is weer rond”, concludeert die tweet over contact tussen officier en KOZP), de tweede van Tweede Kamerlid Wilders (“Dit stinkt gigantisch!”).

Niet lang na publicatie gaat de afbeelding van de eerste tweet uit het artikel en wordt het aangevuld met de reactie van een hoogleraar strafrecht op de wenselijkheid van een dergelijke nevenfunctie voor een officier van justitie. Dit is de versie zoals deze nu nog te lezen is, de eerdere versie – met twee tweets – is niet bewaard. Een gewone wijziging in een gewoon artikel?

Tweet of niet? En nieuws of niet?

Snel na de eerste publicatie van het artikel stelt een aantal mensen op sociale media onder meer dat het account van de oorspronkelijke tweet 'trolt' en mensen doelbewust intimideert en beschadigt. Waarom gebruikt de NOS een tweet van zo'n account bij het artikel, wordt gevraagd. Maar ook: waarom maak je hier überhaupt een artikel over, is er wel iets nieuwswaardigs aan de hand?

De redactie kijkt nog eens extra naar het account, en besluit de eerste tweet uit het artikel te halen, zonder dat verder toe te lichten. Waarop de volgende vragen komen: áls je dan die tweet verwijdert, waarom zeg je dan niet dát je dat doet en waarom?

Vier dagen na de eerste vragen op sociale media antwoordt de NOS, ook op Twitter. "We hebben in de eerste versie van dit artikel vanwege transparantie getoond waar wij dit nieuws het eerst zagen. In de latere, uitgebreide versie vonden we het toch beter de tweet te verwijderen, gezien sommige uitingen van dit account.” Waarom de oorspronkelijke tweet leidde tot een bericht? "Omdat we discussie over het eventuele verband tussen haar [de OvJ’s, red.] positie in dat bestuur en haar rol in deze zaak nieuwswaardig genoeg vonden om hier online een bericht van te maken,” twittert @NOS.

Bron of illustratie

Allereerst, en nog even los van de vraag of de NOS van deze informatie een bericht had moeten maken: de verwijderde tweet was dus de bron van het verhaal en niet - wat sommige lezers meenden - 'zomaar' een illustratie bij een tekst. Bronvermelding had hier geholpen, want hiermee zou het tonen van deze tweet zeker te rechtvaardigen zijn geweest: je citeert niet alleen de bron maar toont hem ook. Je kunt dan ook informatie over de bron toevoegen, waarmee je publiek een oordeel over de waarde van die bron – en hiermee ook beter over het nieuws – kan vellen.

Op mijn vraag waarom bronvermelding uitbleef, zei de eindredactie dat de informatie uit de tweet inmiddels ook onafhankelijk bevestigd was. En daarmee vervalt volgens de journalistieke mores de noodzaak tot bronvermelding. Formeel waar, maar dat was dan op zijn minst – zoals wel vaker bij scoops van een ander – niet echt fair ten opzichte van degene die het nieuws het eerste maakte of zag. Maar het was in dit geval wel meer dan dat: je had hiermee de bron voor je publiek kunnen en moeten duiden.

Nu werd de tweet feitelijk tot een ‘gewone' illustratie gemaakt. Waarvoor andere criteria zijn. “Een tweet moet dan iets toevoegen aan de tekst,” legde de eindredacteur uit. Om daarna direct te stellen dat dat in dit geval niet zo was: de tweet voegde geen informatie toe, alleen een suggestieve constatering. “Heb ik me wat dat betreft niet aan mijn eigen criterium gehouden,” zei de eindredacteur.

Er is niet overwogen, zegt de redactie, om zaterdagavond uit te leggen waarom de tweet uit de aangevulde versie van het artikel ging, maar het had dus met andere uitingen van de twitteraar te maken, twitterde de NOS later. Ook al wil je daarover niet specifiek worden, je had toch beter wel direct iets kunnen uitleggen. Nu was het inmiddels een issue op zich geworden en bleef het onduidelijk.

Er is ook niet bedacht dat er nog zoiets is als de journalistieke Herstelrubriek: was die gebruikt, dan waren de vragen op sociale media niet vier dagen (lang in termen van Twitter) onbeantwoord gebleven. Ik roep het al jaren: als je toelichting op een wijziging niet ín je artikel kunt of wilt geven, wijk dan uit naar die rubriek of naar de pagina Journalistieke Verantwoording. Ze zijn er niet voor niets, maar lijken nogal willekeurig ingezet te worden. Zeker de Herstelrubriek oogt nu als een rommella.

De hoofdredactie zei hierover dat het melden van veranderingen in of bij een bericht “een groot dilemma” blijft. “In sommige gevallen is het nodig of verstandig, maar in het algemeen gesproken is het ook lastig. Internet biedt de gelegenheid om berichten snel en voortdurend te updaten, uit te bereiden etc. Bij dit onderwerp had het geholpen, maar geldt dat ook voor de talloze andere momenten dat we berichten aanpassen of updaten? Dat gebeurt namelijk de hele dag. Wat vergt dat van de redactie?”

De hoofdredactie vraagt zich los van dit voorbeeld af of toelichting op aanpassingen een behoefte is van een breed publiek. Ik zeg toe dat ik daar eens dieper in duik, want de worsteling van media met correcties blijft niet beperkt tot NOS Nieuws.

Instrument

Dan die andere vraag: was de inhoud van de tweet wel nieuwswaardig, of ging de NOS mee in een "radicaal-rechtse intimidatie-campagne" (zoals op Twitter stond) door informatie van juist dit account tot nieuwsbericht te verwerken? Op zondagmorgen was de nieuwsaanleiding helder: toen er zich nog een Kamerlid per Twitter in de discussie voegde en het OM de betreffende officier van justitie van een komende discriminatiezaak afhaalde. Achteraf, met de toegenomen commotie, kan het eerste artikel van de NOS te rechtvaardigen zijn. Maar was het zaterdagbericht niet (mede?) de motor achter die ophef op zondag? De redactie geeft aan dat al vóór het NOS-bericht duidelijk was dat de brontweet een politiek vervolg zou krijgen. Kamerlid Wilders zei die avond op Twitter dat hij de premier hierover ‘op de grill’ zou leggen. Dat speelde mee bij het besluit om een bericht te maken.

Ik meen dat het op zaterdagavond zeker al de moeite waard was om bij het Openbaar Ministerie te checken en te vragen naar een reactie op de inhoud van de brontweet. Het voorlopig niet-vervolgen van Akwasi was nog volop onderwerp van gesprek, en er is in de samenleving überhaupt discussie over de onafhankelijkheid van vele instituties (van pers tot rechtbank). Is een eventuele connectie tussen een officier van justitie en een organisatie naar wiens boegbeeld zij zojuist een voorlopige vervolging had afgewezen nieuwswaardig? Ja, al is het maar om uit te leggen hoe het zit met de wenselijkheid en de eventuele invloed van nevenfuncties. Ben je dan een non-event aan het uitleggen? Ja, hoe ongemakkelijk dat ook kan voelen, ook dat kan je taak zijn als journalist: iets in proportie zetten.

Conclusie

Het maken van een bericht was terecht, maar het had vanaf de eerste versie nuance, uitleg en duiding moeten krijgen. Ik begreep van de redactie dat de duidende reactie van de hoogleraar uit de tweede versie enige tijd op zich liet wachten. Het was immers zaterdagavond, niet iedereen zit aan de telefoon geplakt.

De hoofdredactie stelt daarover: “Het is ook de kracht van een professionele journalistieke redactie om zelf tot een inschatting over de nieuwswaarde van een gebeurtenis te komen en niet altijd te wachten op reactie, ophef of een professor die iets verstandigs (of onverstandigs) zegt. De oproep ‘wacht totdat’  klinkt logisch en is natuurlijk niet onwaar, maar snelheid is ook een journalistiek criterium en een behoefte van ons publiek. Daarbij komt: iets niet publiceren roept soms onbegrip bij ons publiek op, alsof wij iets willen verzwijgen. Dat is geen doorslaggevende reden om iets dus maar even wel te melden, maar er kunnen meer omstandigheden of overwegingen zijn bij een besluit om al dan niet tot een bericht te komen.”

Toch zeg ik: had in één keer de noodzakelijke duiding erbij gegeven, plus duidelijke vermelding en uitleg over de bron van het nieuws. Dan had je je publiek vollediger geïnformeerd. Als het niet kán in een kort bericht, maak dan iets langers. Door nu allereerst een ‘kaal’ online bericht te publiceren, maakte de redactie zich kwetsbaar voor de suggestie dat ze een instrument was in een campagne van derden. En door vervolgens zonder uitleg in dat bericht te wijzigen, kwam de beschuldigende vinger een tweede keer langs.

Tot slot: waarom is er niet vóór publicatie goed naar de bron gekeken, zoals je als journalist altijd doet, wat of wie die bron ook is? Om dan een heel aantal van de nu genomen besluiten alsnog hetzelfde te nemen, maar enkele waarschijnlijk ook niet? Hier trekt de eindredactie het boetekleed aan. En zonder een beroep te willen doen op het altijd toepasselijke ‘te weinig tijd en te veel nieuws voor de (te?) kleine ploeg van de zaterdagavond’-argument: tijd om te checken bouw je in vóór je op de publicatieknop drukt.