05 juli 2019

Nieuwe tijden, nieuwe regels

Nieuwe tijden, nieuwe regels

Bij klachten van het publiek kijkt de ombudsman of journalistieke producties in lijn zijn met de Journalistieke Code van de publieke omroepen. Maar wie maakt zo’n ethische code, en hoe beslis je wat een journalist wel en niet zou moeten doen? Er is een ‘moeder’ aller codes, en die heeft zojuist een nette facelift gekregen.

Internationaal geaccepteerd

Want je zou kunnen zeggen dat het wel tijd werd: de goede oude Code van Bordeaux met ethische regels voor de journalistiek uit 1954 was toe aan een update. De journalistiek heeft zich sindsdien nogal ontwikkeld – om het maar zacht te zeggen – en dus waren de ethische spelregels ook wel eens aan modernisering toe. Ze hebben zelfs een nieuwe naam gekregen: de Global Charter of Ethics for Journalists.

De Code van Bordeaux werd opgesteld door de leden van de International Federation of Journalists, een belangenorganisatie voor journalisten uit 120 landen, en werd vrijwel wereldwijd geaccepteerd als een sobere maar bruikbare set gedragsregels voor journalisten. Er staan onder meer afspraken in over bronbescherming, plagiaat, vrijheid van nieuwsgaring en een open en eerlijke werkwijze. Journalistieke organisaties namen de Code vervolgens als fundament voor hun eigen, misschien per medium toegespitste, regels. Zo is de Journalistieke Code van de NPO, die de ombudsman als richtlijn voor haar werk gebruikt, ook tot stand gekomen.

Sociale media en fake news

De plichten van de journalist staan in de gemoderniseerde versie nog recht overeind, maar er worden ook enkele rechten toegevoegd. Bijvoorbeeld het recht om informatie te krijgen en zaken te onderzoeken. Want journalistiek, zo zegt de tekst, is een vak dat alleen goed uitgeoefend kan worden met voldoende tijd en middelen maar ook de mogelijkheden om überhaupt het werk te doen.  

Nieuw zijn verder de regels die aangeven hoe de journalist zal omgaan met informatie van het publiek op sociale media. “He/she  will  be  careful  to  reproduce  faithfully statements and other material that non-public persons publish in social media”. Of de plicht om te checken voor publicatie: “The notion of urgency or immediacy in the dissemination of information shall not take precedence over the verification of facts, sources and/or the offer of a reply”. Dit laatste kan je bijna lezen als een poging tot het bestrijden van fake news.

Het nieuwe Charter heeft, net als de oude Code, geen wettelijke grondslag, er kunnen door publiek of journalistiek geen rechten aan ontleend worden. Maar de code heeft gezag verworven. Wereldwijd werd de Code aangeroepen in rechtbanken, parlementen en op straat, als er behoefte was aan een internationale ondergrens voor wat een goede journalist moet doen en laten. In de nieuwe versie zijn de vanouds breed geaccepteerde regels zodanig bij de tijd gebracht dat die bijzondere rol van ‘scheidsrechter’ overeind kan blijven.