13 mei 2019

Diversiteit op NPO Radio 1

Hoe is het gesteld met de diversiteit van gasten bij een aantal programma’s op NPO radio 1? Dat vroeg een kritische luisteraar naar aanleiding van het onderzoek dat de ombudsman deed naar diversiteit onder TV-talkshowgasten. De luisteraar inventariseerde drie dagelijkse radioprogramma’s en liet zien dat de Nederlandse mannenstem behoorlijk in de meerderheid is. De klager stelde dat er opzettelijk voor mannen wordt gekozen. De ombudsman ziet geen opzet maar vroeg de programmamakers uiteraard om uitleg.

De luisteraar turfde welke gasten er in de studio zaten bij het programma Spraakmakers (wie waren de hoofdgast van de dag plus de deelnemers aan het dagelijkse Mediaforum in de periode van 2-1-2018 t/m 29-3-2019), boog zich over 1op1 en bekeek de samenstelling van het wekelijkse mediaforum van Langs de Lijn En Omstreken tussen april 2018 en april 2019.

Waarom juist deze programma’s werden gekozen maakte de klager niet duidelijk, want representatief voor het aanbod op NPO Radio 1 zijn ze niet. De twee mediaforums, bijvoorbeeld, zijn precies dat: journalisten die berichtgeving becommentariëren. En dat leidt bijna standaard  – hoe vervelend misschien ook – tot een weinig kleurrijk beeld omdat het vak van journalist toch nog vooral witte Nederlanders trekt. Maar de programma’s zijn wel alle drie uitzendingen waarin het dagelijkse nieuws door een of meer gasten bediscussieerd en van context voorzien wordt, en ze lijken daarin wel wat op de eerder door team ombudsman onderzochte tv-talkshows.

Weinig divers

In het gebrek aan diversiteit leken de radioprogramma’s ook wel wat op de tv-talkshows. Veel (tot zeer veel) mannen, weinig (tot onthutsend weinig) mensen met een andere dan Nederlandse achtergrond. Zo was in Spraakmakers bijna 70% van de mediaforumleden én van de hoofdgasten man. 3,5% van de mediaforumleden had een (westerse of niet-westerse) migratie-achtergrond, tegen 8,5% van de hoofdgasten en 23% van de Nederlandse bevolking (bron: CBS).

In de 46 beluisterde uitzendingen van Langs de Lijn en Omstreken hadden 2 van de 40 mediaforumgasten een migratieachtergrond (5%) en waren 16 vrouw (40%). Qua evenredigheid onder presentatoren deed volgens klager 1op1 het slecht, maar dat is makkelijk scoren. Daar is maar één presentator en één vervanger en die zijn allebei Nederlands en man: aangesteld op grond van hun specifieke interviewkwaliteiten en nergens anders op. Overigens bleef ook Langs de Lijn en Omstreken achter, met 4 vrouwen onder de 14 presentatoren en maar één migrant.

“Het aandeel van vrouwen en/of mensen met een migratieachtergrond als presentator, medewerker en vaste gast is opvallend klein en blijft ver achter bij hun aandeel in de bevolking van Nederland,” schreef de luisteraar, en zag er ‘vraaggestuurde’ opzet in. “Deze achterstand is geen gevolg van een gebrek aan aanbod, zoals vaak wordt beweerd, maar wordt aan de vraagzijde veroorzaakt met beleid dat sterk in het voordeel is van inheemse blanken en vooral mannen.”

Reactie redacties

De redacties wilden graag reageren op de gewaardeerde arbeid van luisteraar. “Fijn dat mensen ons zo goed volgen, ik interpreteer dit soort oproepen altijd graag positief,” zei de eindredacteur van Langs de Lijn En Omstreken. “We proberen er overigens al extra op te letten, maar dan is het alsnog goed ons er op te blijven wijzen. Diversiteit zit overigens niet alleen in man/vrouw of migratieachtergrond. Wij kijken ook naar links, rechts en de visie op de samenleving. Zo willen we ook graag per forum een gast die een link heeft naar de EO, onze omroep. We willen vooral een gezonde discussie in ons programma.”

Ik greep de klacht zelf aan voor een verzoek om toelichting tijdens het mediaforum van Spraakmakers, waar ik sinds enkele maanden soms aanschuif. “Het is iets waar we continu aan werken. Ik weet ook, dat is zo’n dooddoener. Maar sinds begin dit jaar spannen we ons extra in,” vertelde de presentator. “Vorig jaar was het heel scheef, maar dit jaar zien we al een aanmerkelijke verbetering. De klager heeft april niet meer meegeteld, maar in die maand hadden we 13 mannen als spraakmaker en 15 vrouwen! We zitten er bovenop.”

Hoe ze dat dan doen? Door heel gericht en soms langer te zoeken. Maar voor mediaforumgasten blijft het lastig, zeggen de programmamakers. “We zoeken voor het mediaforum echt mensen uit de media met verantwoordelijkheid en autoriteit,” zei de presentator van Spraakmakers. “Maar daaronder zijn maar weinig vrouw.”

Is dit beleid?

De luisteraar stelde dat de publieke omroep “zich beroept op hulpeloosheid” door te stellen dat er “simpelweg” niet genoeg vrouwen en mensen met andere achtergronden beschikbaar zijn,  en klager veronderstelde gericht beleid dat blanke mannen bevoordeelt. Want waarom niet zoeken onder mensen die niet ín de media zitten maar wel óver die media kunnen praten?

Van beleid is geen sprake, zeggen alle programmamakers. Uiteraard zullen ze dat zeggen, kun je denken. Maar ik kan de veronderstelling van klager niet met feiten onderbouwen. Er is geen oekaze die toegang voor vrouwen en migranten tot de radiostudio’s belemmert. Integendeel, redacties verzamelen goede, nieuwe, diverse sprekers als waren het zeldzame Pokémon-kaarten. In mijn gesprekken met programmamakers komt deze dagen het onderwerp diversiteit nóg meer op dan het al deed voor mijn talkshow-onderzoek gepubliceerd werd. Daar komt bij: wat hebben de programma’s te winnen door (meer dan) de helft van hun potentiele luisteraars bewust niet te representeren? Diversiteit in sprekers kan juist leiden tot meer publiek, iets dat ieder programma graag wil.

Wel blijven er omstandigheden en programma-eisen die (nog) tot scheve verhoudingen leiden. Nieuws wordt, het is niet anders, nog steeds grotendeels gemaakt door witte westerse mannen. De redactie van 1op1 legt uit dat “wij de hoofdgasten bij het nieuws uitnodigen. En als het even kan de verantwoordelijken wier argumenten wij proberen te toetsen. Dat zijn de opdracht en het format van het programma. De verantwoordelijkheid die de gast draagt en diens betrokkenheid bij het nieuws van dat moment zijn daarbij dus leidend. En die nodigen wij – ongeacht zijn of haar afkomst, geslacht of seksuele voorkeur– uit.” En dus schuift er van alles aan: mannen en vrouwen, met allerlei achtergronden en van verschillende geaardheid .

Krampachtig

Het bleek ook al bij de talkshows: voor programma’s met een nieuws-insteek is diversiteit geen doel op zich en kan het format de diversiteit zelfs in de weg zitten. Eén ding moet voorop staan, stelt de ombudsman: de journalistieke kwaliteit van de nieuws- en achtergrondprogramma’s. Diversiteit kán die kwaliteit verhogen door meer invalshoeken en standpunten aan bod te laten komen. Maar als het nieuws nog in grote mate wordt gemaakt door witte westerse meneren, wordt het koste wat kost streven naar evenredige representatie van anderen (zij het vrouw of niet-westers) dan niet krampachtig of vergezocht?

Moeten redacties zich het gebrek aan diversiteit in de media aantrekken als een deel van de oorzaken ervan buiten de journalistieke macht tot veranderen (b)lijkt te liggen? Wel degelijk, vindt de ombudsman. En zie de zaak dan breed: het gaat om de diversiteit in het nieuws, in onderwerpkeuze, invalshoeken en de te interviewen mensen. Het loont om bij elk programmaonderwerp na te denken over ontbrekende invalshoeken en specifiek te vragen naar andere woordvoerders dan de gebruikelijke. Dat blijkt uit een ander onderzoek naar diversiteit van sprekers in nieuwsprogramma’s (het loopt nog en is niet dóór mij maar wel een beetje vóór mij, als het af is kom ik er zeker op terug!).

Vicieuze cirkel?

De armslag van de ombudsman strekt niet tot de samenstelling van redacties of de toelating tot de journalistiekopleidingen, maar de journalistieke werkvloer is helaas nog erg wit, zo constateerden we in de studio bij Spraakmakers. Het is niet zeker dat dat zomaar zal veranderen. Docenten journalistiek merken bijvoorbeeld nog steeds dat het vak maar weinig status heeft onder (niet-westerse) migranten.

Uitzondering op de regel: radiostation FunX, dat een uitermate diverse redactievloer heeft en ook nog eens  40% vrouwelijke presentatoren. Het zal vast helpen dat de zender zich richt op jongerencultuur en urban muziek in al zijn facetten en kleuren. Het is geen klassieke nieuwszender als NPO Radio 1. En zo lijkt het een vicieuze cirkel: verandering op de werkvloer kan beginnen met verandering van inhoud en insteek, maar hoe vind je die andere onderwerpen en aanpak als je geen werknemers met andere achtergronden hebt? Het is een proces van lange adem, bewustzijn en doorzoeken. Opgeven is geen optie.

Als publieke nieuwsvoorziening heb je, misschien meer nog dan andere media, naast het brengen van nieuws een opdracht herkenbaar te zijn voor alle Nederlanders. You can’t be what you can’t see, het geldt ook voor luisteraars: je gerepresenteerd horen is je gerepresenteerd voelen. De klager schreef aan het eind van de mail: “Het doel van de klacht is niet alleen het opheffen van achterstelling, als ware het een gunst aan misdeelden. Het is simpelweg vervreemdend om naar programma's te luisteren die de wereld van vroeger weerspiegelen en daardoor ouderwets geworden zijn. Maar veel belangrijker is het bevorderen van identificatie tussen cultureel en etnisch verschillende Nederlanders. Want het ontbreken van identificatie is overal in de wereld de opmaat voor angst, afzondering, geweld en oorlog.”
Dank, beste luisteraar, het zijn grote woorden, maar het waard om bij stil te staan.